Groep 3, 4 en 5

 

Wie een kijkje in de klas zou nemen, ziet dat er hard gewerkt wordt.… Wanneer de ene groep instructie krijgt, zijn de andere 2 groepen zelfstandig aan het werk (daltontijd). Alle leerlingen moeten daar veel aandacht aan besteden. Het is dus van groot belang dat de kinderen leren om stil aan het werk te gaan. Op sommige momenten moeten zij hun vraag aan een klasgenoot stellen of even een ander werkje oppakken tot de juf weer beschikbaar is. Alle kinderen gebruiken hun daltonblokje zodat klasgenoten weten wie zij kunnen storen en wie niet. Zij ontwikkelen daarmee het omgaan met uitgestelde aandacht.Zelfs de kinderen die net in groep 3 starten, leren op die manier al snel binnen deze situatie zelfstandig te werken, samen te werken en verantwoordelijkheid te nemen (onze belangrijke pijlers van het daltononderwijs). We zorgen dat groep 3 (zeker tot de herfstvakantie) nog wat vaker kan (buiten)spelen.

Als leerlingen willen samenwerken dan kunnen zij dat in de klas of op de hal doen. Waar nodig wordt verlengde instructie gegeven. Waar mogelijk, is er ook ruimte voor een stagiaire endan is daar nog eens extra tijd voor.

Het zelfstandig werken wordt vergemakkelijkt doordat wij gebruik maken van weektaken (verdeeld over de 5 dagen). De nieuwe weektaak begint op maandag en dus is er meteen veel instructie op het gebied van rekenen, taal, spelling en schrijven. Waar nodig is deze weektaak aangepast aan het individuele niveau van het kind. Een kind kan dus op de weektaak zien wat hij/zij op die dag gedaan moet hebben. Onderaan de weektaak hanteren we ‘smileys’. Dit zijn de kinderen gewend van de kleutergroep. Daarbij geven de kinderen aan het eind van de week aan of het deze week makkelijk, niet zo goed/beetje lastig of moeilijk ging.Tot de kerstvakantie begeleiden we de kinderen van groep 3 bij het invullen van de weektaak. Hierna gaan ook zij zelfstandiger met de weektaak werken. Als de kinderen een taak af hebben, dan kleuren zij deze taak op hun weektaak in (met de kleur van de dag) en leggen hun gemaakte werk in de nakijkbak (groen: het lukte goed en ik heb weinig fouten, oranje: het was wat lastig en ik begrijp mijn gemaakte fouten, rood: ik vond het lastig en heb meer hulp nodig). Wij laten waar mogelijk de kinderen zoveel mogelijk hun eigen werk eerst nakijken; dat leert ze netjes/leesbaar werken, reflecteren en zij leren van hun gemaakte fouten.
Verder hanteren wij een duidelijke structuur en is de omgeving voor de kinderen toegankelijk ingericht wat het zelfstandig werken vergemakkelijkt. We proberen binnen de school en daarbuiten het wisselen van plaatsen gestructureerd te laten verlopen, door bijv. de kinderen rustig in een rij te laten lopen, op elkaar te laten wachten en elkaar te helpen waar nodig.

Een doorsnee schooldag wordt afgesloten met een evaluatie van de dag; dat doen kinderen óf zelfstandig met behulp van hun weektaak óf we bespreken het een en ander in de klas.

Benieuwd hoe de materialen en de klas eruitzien? Wij zien jullie graag tijdens de inloopochtenden, de informatieavond, maar uiteraard is het ook mogelijk om na schooltijd even binnen te lopen.

 

Technisch lezen:
Groep 3 leert lezen (verder ontwikkelen) en taalonderdelen met de methode Veilig Leren Lezen (Kim versie). Deze sluit aan op de methode Schatkist, welke in groep 2 behandeld is. Er wordt gewerkt met 12 kernen. Iedere kern start met een ankerverhaal. Na elke kern vindt een methodetoets plaats. Kinderen die al kunnen lezen krijgen zon-werkboekjes en bijbehorende leesboekjes en evt. aanvullende opdrachten. 

De groepen 4 en 5 werken voor het technisch lezen met Estafette (versie 3). Estafette heeft dezelfde visie als Schatkist en Veilig Leren Lezen (Kim) voor taal en lezen en de (doorgaande) leerlijnen sluiten op elkaar aan. De kinderen herkennen de pictogrammen en dat geeft een goed gevoel.
Uiteraard is er op alle dagen tijd om (samen) te lezen. Want het is op school (zo ook thuis!) belangrijk om ‘lees-kilometers’ te maken. Dat helpt kinderen op het juiste leesniveau te brengen. Sommige kinderen hebben extra leesbegeleiding nodig en dat doen wij 4 dagen in de week met RALFI lezen. Het RALFI lezen houdt in dat de kinderen met de leerkracht lezen wanneer de andere kinderen schoolbreed lezen (het zogenaamde tutor-lezen). Er zijn tweetallen gemaakt, waarbij de oudere leerlingen lezen met de jongere leerlingen. De jongere leerling leert doordat hij/zij gewezen wordt op eventuele leesfouten, de oudere leerling leert doordat hij/zij goed moet meelezen om de eventuele fouten op te merken.
Het toetsen vindt voor alle groepen plaats middels het Cito-systeem: AVI-toetsen van leesteksten en drie-minuten-toets (DMT) van woorden.

 

Begrijpend lezen:
Uiteraard vindt begrijpend lezen bij elk vak plaats; wat staat er nu precies, wat wordt er bedoeld, waar wordt naar verwezen, etc. Qua methodes maken wij in groep 3 gebruik van HumpieDumpie; leesteksten die aansluiten op hun niveau en belevingswereld met daarbij diverse (begrip)vragen. Met de groepen 4 en 5 wordt voor begrijpend lezen gewerkt met Nieuwsbegrip. Thuis werken zij ook aan het onderwerp met Nieuwsbegrip XL (www.nieuwsbegripXL.nl), welke wekelijks op maandag af moet zijn (woordenschat en andere tekstsoort)

Er zijn circa 6 methodetoetsen in een jaar. Het toetsen vindt verder voor alle groepen plaats middels het Cito-systeem: leesteksten op leesniveau met gerelateerde vragen.

 

Taal/Spelling:
Verder werken wij in de groepen 4 en 5 met de methode PIT, welke aansluit op de methode Veilig Leren Lezen (Kim) waarmee in groep 3 gewerkt wordt. Met taal werken we aan de volgende onderdelen: taal verkennen, woordenschat, lezen, spreken/luisteren en schrijven. De kinderen hebben voor taal en spelling (gedifferentieerde) werkboeken en werken met computerprogramma’s. Steeds in elke 1e week van een blok nemen wij een signaleringstoets af en in elke 4e week vinden de controletoetsen voor een cijfer plaats. De gemaakte signaleringstoetsgeeft goed inzicht aan welke spellingscategorieën (intensief) gewerkt moet worden het komende blok of juist welke leerlingen mogen compacten. In januari en juni vindt ook voor spelling de Cito-toets plaats. 

 

Rekenen:
Voor rekenen hanteren wij, overigens net als in de andere groepen, Wereld in Getallen (versie 5). Met deze methode zijn wij goed in staat te differentiëren. Wie wat beter is in rekenen, werkt met RekenXL (pluswerkboek). En degene die wat meer uitleg nodig heeft, oefent (naast het extra oefenen in de klas) extra bij de OA. Elke 4e week vindt er een methodetoets plaats. 

Verder vindt het toetsen voor alle groepen plaats middels het Cito-systeem: Rekenen & Wiskundetoets, waarbij hetgeen wordt getoetst, wat geleerd is in de afgelopen jaren, maar er komen ookwat vragen aan de orde in de zone van de naaste ontwikkeling. De zone van naaste ontwikkeling is het aanspreken van een kind op een niveau dat net buiten bereik van het kind is. Er wordt dus al een klein beetje getoetst wat de leerling nog gaat leren.

In groep 3 is aandacht voor getalbegrip van hele getallen, optellen en aftrekken. Vriendjes van 10 snel benoemen en splitsen (getallen onder 10) zijn voorbeelden van belangrijke vaardigheden die gememoriseerd moeten worden. In groep 4 en 5 wordt dat uitgebreid met handig rekenen over het tiental, vermenigvuldigen en delen. Daarbij wordt gewerkt met geld, tijd, meten en meetkunde.
In groep 3 wordt het eerste half jaar de getallenlijn t/m40 behandeld en daarna t/m 100. Er wordt gerekend met getallen t/m 20. Hierbij is het automatiserenen later het memoriseren van sommen bijzonder belangrijk. 

In groep 4 wordt het schatten, afronden van getallen en het aanvullen tot een tiental of het afhalen van een tiental daaraan toegevoegd. Zij rekenen met getallen t/m 100. Het automatiserings- alsmede het memoriseringsproces blijft belangrijk. Ook op het gebied van vermenigvuldigen (tafels door elkaar uit je hoofd kennen)

In groep 5 worden de tafels herhaald en met de deelsommen wordt de relatie gelegd naar de tafels. De leerlingen van groep 5 werken in het getallengebied t/m 1000 en later t/m 10.000.

 

Schrijven:
Het netjes schrijven in schrijfletters (verbonden schrift) is iets waar wij op school veel waarde aan hechten. Het valt in groep 3 dan ook niet mee als kinderen zichzelf al blokletters of een verkeerde pengreep hebben aangeleerd. 

De methode die wij hanteren voor alle groepen is Pennenstreken. Deze methode sluit aan bij de taalmethode Veilig Leren Lezen (Kim) en is ook van uitgeverij Zwijsen.

 

Zaakvakken en andere vakken:
Op dinsdagmiddag gaan we met de groepen 3 t/m 8 gymmen in sporthal De Tienvoet in Heinenoord (13.30 – 15.15 uur). Deze gymles wordt door een ingehuurde sportdocent (RegieKr8) gegeven waar een Bommelleerkracht bij aanwezig is. 

De lessen vallen – net als alle overige vakken binnen ons onderwijsbinnen de leerlijnen met gerichte doelen. Wij werken volgens de visie dat ieder kind op zijn eigen niveau leert bewegen, binnen de gymzaal, maar ook daarbuiten. 

Wij leggen de nadruk op het leren omgaan met elkaar, elkaar helpen en rekening houden met de verschillen tussen kinderen onderling.


Op donderdag is er wereldoriëntatie voor de groepen 3 en 4, terwijl groep 5 met groep 6 Engels volgt bij meester Rainier (bovenbouw). In het 2e half jaar geeft de leerkracht natuurles aan degehele middenbouw (groep 3,4,5)

Op vrijdagmiddag krijgt groep 5 van meester Schilperoordof juf Luna geschiedenis en aardrijkskunde.
Afhankelijk van het animo is er voor groep 5 humanistische vorming of godsdienstige vorming (op maandagmiddag).
We werken in iedere groep wekelijks aan verkeer (van Veilig Verkeer Nederland).
Op donderdag vinden afwisselend handvaardigheids-/drama-/muzieklessen (of technieklessen van juf Alice) plaats. Soms hebben wij hulp en/of materialen nodig en dan zullen wij dat in de weekbrief kenbaar maken.  Waar mogelijk maken wij gebruik van het speellokaal voor de drama- en muzieklessen.Op vrijdag tekenen wij, waarbij we in het jaar verschillende materialen gebruiken; soms is dat verf. Denk daar dus aan bij de kledingkeuze.

 

Gebruik digibord/computers/schooltv:
Voor de instructies van Nieuwsbegrip, Rekenen, Veilig Leren Lezen (Kim), PIT(spelling en taal) en Pennenstreken maken wij gebruik van het digibord. De kinderen kunnen zelf onderdelen van WIG (rekenen), VLL (Zoem), PIT (spelling en taal) en Nieuwsbegrip XL op de computer maken. Wij hebben daarvoor Chromebooks in de klas. De kinderen werken dan in een digitale omgeving (MOO). 

Op een aantal dagen kijken wij met de kinderen naar SchoolTV (Leesdas, lettervos, boekentas, of Huisje Boompje Beestje of Nieuws uit de natuur).

 

Extra instructies:
Sommige kinderen krijgen - naast de extra instructies van de eigen leerkracht - voor benodigde vakken (zoals technisch lezen, begrijpend lezen, rekenen en spelling) extra instructie van bijv. juf Alice, juf Serena of juf Luna. Dit vindt buiten de klas plaats. 

 

Momenten van toetsen:
De methodetoetsen vinden het hele jaar door plaats (3 à4-wekelijks). De Cito-toetsen vinden plaats in januari en juni. Soms achten wij het nodig om eerder of anders te toetsen zodat wij tijdig kunnen differentiëren.